Copyright, colofon
& disclaimer


 
 
  De Field Spaniel is een jachthond voor het werk voor onder het schot.
Hij is gefokt om tijdens de jacht, in dichte tot zeer dichte dekking wild op te sporen en uit de dekking te stoten. In de dekking moet de hond zeer actief zijn, waardoor hij het wild verstoort en het de dekking verlaat. De hond mag daarbij geen "luid geven" (blaffen). Het wild moet zodanig uit de dekking worden gestoten dat de jager de kans krijgt het wild te schieten. Om met name dit laatste te realiseren moet de hond binnen de schootsafstand van de jager blijven. Als het wild is opgestoten moet de hond gaan zitten om zodoende de jager vrij baan te geven voor een schot.

  Tijdens het jagen moet de Field dus contact houden met zijn baas en er telkens voor zorgen niet verder dan ca. 30 - 40 meter van de jager te jagen. Als het wild geschoten is, moet de Spaniël het, na commando van zijn baas, apporteren.

  Al met al moet een Field Spaniel dus de bereidheid hebben dichte tot zeer dichte dekking in te gaan, actief te zijn en vooral samen met zijn baas te jagen.

  De Field Spaniel is van oorsprong een tragere hond dan de Engelse Springer, en meer gefokt voor de zwaardere dekking. De Field is rustiger en jaagt misschien met meer verstand, verdeelt zijn krachten beter en kan daarom het jagen een hele dag volhouden.

  De Fields kennen ook nauwelijks echte jachtlijnen en de jager, die de stijl van werken aanspreekt, zal zijn keuze dan ook moeten maken uit honden die niet specifiek voor de jacht zijn gefokt.

  In Nederland, maar ook in Engeland, wordt relatief weinig met de Field Spaniel gejaagd.
Kiest u voor de Field als een jachtkameraad, neem dan bij voorkeur als kleurslag een roan (=schimmel). U kunt dan de hond gemakkelijker in de dekking volgen en het is een stuk veiliger voor de hond zelf. Een vergissing is gauw gemaakt en is dan vaak fataal.
 

Deze website is gesponsord door Lemontree en is ontwikkeld door VividSilver.